Passende zorg voor ouderen thuisknelpunten in kaart

10 / 12

Lessen

Auteurs: Maaike den Draak en Inger Plaisier

Knelpunten zijn verweven, oplossingen daardoor ook

De oorzaken van niet-passend zorggebruik bij thuiswonende ouderen die zich op het grensvlak tussen zelfstandig thuis en verblijf in een (verpleeg)tehuis bevinden, zijn onderling met elkaar verweven (zie de fictieve casussen in onderstaande tekstboxen). Deeloplossingen zijn daardoor veelal onvoldoende. Kant-en-klare oplossingen zijn dan ook niet aan te wijzen. Wel is een aantal lessen te trekken waar ook bij wijzigingen in beleid bij kan worden stilgestaan.

Fictieve casus: sociale problemen als oorzaak van grotere zorgvraag

Stel, de betrokken medische en zorgprofessionals hebben – mede door de schotten in de zorg en ondersteuning – onvoldoende aandacht voor de sociale kant van de situatie van de oudere. Er is geen samenwerking met professionals uit het sociaal domein. De zorgprofessional zou graag verder kijken dan alleen de medische kant, maar is dat niet gewend en weet niet wat er mogelijk is op het welzijnsvlak. Bovendien hanteert de zorgorganisatie waar de professional voor werkt regels die het belemmeren om tijd te besteden aan contact met andere organisaties wanneer daar geen financiële vergoeding voor mogelijk is. De oudere zelf heeft ook geen kennis van de mogelijkheden en weet door de complexiteit van het stelsel en de verbrokkelde informatie ook niet waar hij of zij moet zijn. De oudere onderneemt dan ook geen actie. Als gevolg daarvan neemt het sociaal isolement van de oudere steeds verder toe. De eenzaamheid wordt erger en daardoor verergeren de gezondheidsklachten, zoals pijn. De oudere doet een groter beroep op de medische zorg en daarmee neemt ook de druk op zorgprofessionals en zorgorganisaties toe, waardoor zij uiteindelijk door toenemende tekorten geen tijd en ruimte zien om integraal te leren werken.

(Deze fictieve casus is gebaseerd op voorbeelden en casussen die ons werden aangereikt in de interviews en literatuur (zie kaart Methodologische verantwoording)).

Fictieve casus: van zelfredzaam naar ontredderd

Stel, professionals in de zorgsector raken gedemotiveerd door de regeldruk waar ze in hun werk tegenaan lopen. Een deel van hen switcht naar een andere baan. Hierdoor kampt de zorgsector met een tekort aan personeel. Een ouder echtpaar hoort hierover in de media. Ze zijn bescheiden en willen de samenleving niet tot last zijn. Ze hebben wel gezondheidsproblemen, maar kunnen nog prima voor elkaar zorgen, vinden ze. Bovendien vertelde de buurvrouw dat het geen zin heeft om zorg of ondersteuning aan te vragen, omdat de gemeente toch eerst een beroep doet op mantelzorgers. Daarom doen ze geen beroep op professionele zorg en ondersteuning anders dan de huisarts. Het echtpaar krijgt daardoor niet de zorg en ondersteuning die ze eigenlijk nodig hebben en zowel sociaal als fysiek gaan ze verder achteruit. De vrouw takelt het snelst af en het valt de man steeds zwaarder om voor haar te zorgen. Ze doen daardoor steeds vaker een beroep op de huisarts. De huisarts en de dochter van het echtpaar die op twee uur rijden afstand woont, vinden dat het zo niet langer gaat. Er is instellingszorg nodig voor de vrouw, volgens hen. Het oudere echtpaar is het daar niet mee eens en wil geen aanvraag doen omdat ze niet gescheiden willen worden, maar stemmen wel in met huishoudelijke hulp – zorg die eigenlijk niet voldoende past. Uiteindelijk stemt het echtpaar alsnog in met een aanvraag voor zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz-zorg). Bij het bezoek van de indicatiesteller van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) zet het echtpaar hun beste beentje voor, waardoor de indicatiesteller nog geen noodzaak voor instellingszorg ziet en de aanvraag afwijst, tot grote frustratie van de betrokkenen. Zolang er geen Wlz-indicatie is, staat het echtpaar niet op de wachtlijst voor het verpleeghuis in de buurt. De zorgvraag neemt verder toe en enige tijd later wordt wel Wlz-zorg geïndiceerd. Hoewel thuiswonen niet langer wenselijk is, komen zij onderaan de wachtlijst voor een tweepersoons appartement in het verpleeghuis en blijft de vrouw voorlopig thuis wonen. Daar krijgt het echtpaar nu ook hulp van een wijkverpleegkundige. Door de zorgen om zijn vrouw raakt de man echter overbelast en als gevolg van een CVA belandt hij in het ziekenhuis. Door deze crisis kan de vrouw niet langer thuis blijven wonen. Zij komt terecht in een verpleeghuis ver van huis. Haar man komt op een revalidatieafdeling van het verpleeghuis waarvoor zij op de wachtlijst staan, en kan zijn vrouw niet dagelijks bezoeken. Een maand na de verhuizing overlijdt de vrouw.

(Deze fictieve casus is gebaseerd op voorbeelden en casussen die ons werden aangereikt in de interviews en literatuur (zie kaart Methodologische verantwoording)).

Belangrijk om effecten te doordenken

Een verandering op één vlak kan een (onverwacht) gevolg op een ander vlak met zich meebrengen. Het is daarom raadzaam om de effecten van voorgestelde oplossingen op alle niveaus goed te doordenken. Dat kan onder meer met de hulp van organisaties en professionals die er in de praktijk mee moeten werken en door pilots uit te voeren.

Bedenk: iedereen heeft een rol

De oorzaken van knelpunten liggen in het stelsel, de uitvoering ervan door organisaties en het gedrag van individuen. Oplossingen moeten dus op alle niveaus gezocht worden. Bij het verbeteren van de zorg voor thuiswonende ouderen heeft dan ook iedereen een rol: overheidsinstanties (wetgevend, beleidsmakend of uitvoerend; nationaal of lokaal), zorgverzekeraars, zorgkantoren, zorgaanbieders, individuele zorgverleners, de oudere zelf en hun sociale netwerk. Zij vormen allen een deel van een grotere keten. Organisaties en professionals zouden zich daar bewust van moeten zijn en kunnen nadenken over wat hun eigen aandeel kan zijn in het verbeteren van de zorg en ondersteuning aan kwetsbare ouderen binnen het bestaande stelsel.

Moeten we het systeem of de uitvoering aanpassen?

Een oplossingsrichting is het beter laten aansluiten van de systeemwereld aan de uitvoeringspraktijk en de leefwereld van mensen. De vraag is of het nodig is om daarvoor het systeem opnieuw vorm te geven. Mogelijk valt nog een hoop winst te behalen door in de uitvoering beter met de schotten om te gaan en samen te zoeken naar de mogelijkheden die het huidige stelsel wél biedt. Organisaties en professionals kunnen hier nog in leren. Daarnaast ligt er een verantwoordelijkheid voor de overheid, zowel landelijk als lokaal. Die kan praktische oplossingen aanreiken voor de problemen die in de dagelijkse praktijk worden ervaren. Bijvoorbeeld door aan te geven waar de wet- en regelgeving handelingsruimte biedt om te doen wat nodig is voor een cliënt of door duidelijkheid te scheppen wie lokaal regie en eindverantwoordelijkheid heeft voor cliënten.

‘Als je een bepaalde visie op zorg hebt, dan kan er echt veel, ook binnen de schotten’

Zeker, er zijn echt systeemfouten waardoor ook dingen gefrustreerd worden. Dat is zeker zo. Maar daar zal ik niet mee beginnen, omdat ik ook wel echt in mogelijkheden denk. Ik bedoel, natuurlijk, we hebben schotten. Hoe dan ook hebben we schotten, maar het gaat erom dat je, als je een bepaalde visie op zorg hebt, dan kan er echt veel, ook binnen de schotten. En als je gaat zitten op wat er niet kan, dan hoef je ook niet te bewegen. Dus dat is een beetje zo van de kip en het ei.

(Medewerker kennisorganisatie)

Ontwikkel een langetermijnvisie die past bij de behoefte in de regio

Ook verleden, heden en toekomst zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Kortetermijndenken kan op de langere termijn (grotere) knelpunten veroorzaken. Alle partijen zouden hun handelingen daarom ook in het perspectief van een langere termijn moeten plaatsen en beoordelen. Daarnaast valt waarschijnlijk winst te boeken door meer in te zetten op preventie, bij voorkeur in combinatie met deskundigheid. Denk bijvoorbeeld aan de inzet van specialisten ouderenzorg in de eerstelijnszorg. Ook kunnen mensen zich beter voorbereiden op hun ouderdom. Sommige mensen hebben daar hulp bij nodig.

De realiteit is dat er grenzen zijn aan de mogelijkheden

Tot slot is het belangrijk om te beseffen dat niet alles opgelost kan worden. Sommige situaties, dilemma’s of onzekerheden zijn niet te voorkomen en maken deel uit van het leven in deze laatste fase. Ook aan de mogelijkheden om langer thuis te wonen zitten grenzen.

Deze kaart citeren

Draak, M. den en I. Plaisier (2021). Lessen. In: Passende zorg voor ouderen thuis: knelpunten in kaart. Geraadpleegd op [datum vandaag] via https://digitaal.scp.nl/passende-zorg-voor-ouderen-thuis/lessen.

Informatie noten