CBSSCP

Emancipatiemonitor 2020

15 / 18

Vrouwen leven langer, maar zijn ze ook gezonder?

Vrouwen leven gemiddeld langer dan mannen, maar brengen minder jaren in goede gezondheid door. Zij voelen zich minder gezond en ervaren vaker dan mannen lichamelijke beperkingen en psychische problemen. Ook het ziekteverzuim van vrouwelijke werknemers ligt boven dat van hun mannelijke collega’s. Tegelijkertijd houden mannen er een ongezondere leefstijl op na: zij roken en drinken meer dan vrouwen en hebben vaker overgewicht. Vrouwen voldoen daarentegen minder vaak aan de beweegrichtlijnen.

Vrouwen leven langer dan mannen…

De levensverwachting van vrouwen is hoger dan die van mannen: 83,6 jaar tegen 80,5 jaar in 2019. Doordat bij mannen de levensverwachting tussen 2001 en 2019 sterker is gestegen dan die van vrouwen, is het verschil wel kleiner geworden (zie ook m/v-stat). Een belangrijke rol speelt daarbij dat vrouwen in de jaren vijftig en zestig steeds vaker zijn gaan roken, terwijl bij mannen het percentage rokers toen al daalde. Hierdoor nam op termijn de aan roken gerelateerde sterfte bij vrouwen toe en bij mannen af (Willemsen 2017; Stoeldraijer 2020a).

Vanaf maart tot en met juni 2020 stierven ruim 10.000 mensen bij wie de vastgestelde of vermoedelijke doodsoorzaak het nieuwe coronavirus COVID-19 was. Van hen was 47% een vrouw en 53% een man (CBS 2020a, Stoeldraijer en Harmsen 2020). Het precieze effect van de hogere sterfte door COVID-19 op de levensverwachting in 2020 is nog niet bekend. Verwacht wordt dat deze vergelijkbaar zal zijn met 2019 of zal dalen (CBS 2020b; Stoeldraijer 2020b).

… maar minder lang in goede gezondheid

Hoewel vrouwen gemiddeld langer leven dan mannen, brengen zij minder jaren door in goede gezondheid. De levensverwachting in als goed ervaren gezondheid bedroeg in 2019 bij vrouwen 63,2 jaar en bij mannen 64,8 jaar. Vrouwen hebben vaker dan mannen chronische aandoeningen, zoals migraine, chronische gewrichtsontsteking en rug-, nek- of schouderproblemen (CBS StatLine 2020a). Ook de levensverwachting zonder lichamelijke beperkingen van vrouwen is lager dan die van mannen: 70,8 jaar tegenover 73,5 jaar. Van een beperking is bijvoorbeeld sprake wanneer iemand niet of met grote moeite een gesprek met iemand kan voeren, ook niet met een gehoorapparaat, of niet of nauwelijks kan bukken om iets van de grond te rapen. Zowel de levensverwachting in als goed ervaren gezondheid als de levensverwachting zonder beperkingen is bij vrouwen en mannen ten opzichte van 2001 gestegen.

(Gezonde) levensverwachting

levensverwachting bij de geboorte

vrouw x y
#1 2001 80.7
#2 2002 80.7
#3 2003 80.9
#4 2004 81.4
#5 2005 81.6
#6 2006 81.9
#7 2007 82.3
#8 2008 82.3
#9 2009 82.7
#10 2010 82.7
#11 2011 82.9
#12 2012 82.8
#13 2013 83.0
#14 2014 83.3
#15 2015 83.1
#16 2016 83.1
#17 2017 83.3
#18 2018 83.3
#19 2019 83.6
man x y
#1 2001 75.8
#2 2002 76.0
#3 2003 75.2
#4 2004 75.9
#5 2005 77.2
#6 2006 77.6
#7 2007 78.0
#8 2008 78.3
#9 2009 78.5
#10 2010 78.8
#11 2011 79.2
#12 2012 79.1
#13 2013 79.4
#14 2014 79.9
#15 2015 79.7
#16 2016 79.9
#17 2017 80.1
#18 2018 80.2
#19 2019 80.5

levensverwachting in als goed ervaren gezondheid

vrouw x y
#1 2001 61.6
#2 2002 60.4
#3 2003 61.6
#4 2004 62.0
#5 2005 61.8
#6 2006 62.9
#7 2007 63.4
#8 2008 63.5
#9 2009 63.8
#10 2010 63.0
#11 2011 63.3
#12 2012 62.6
#13 2013 63.5
#14 2014 64.0
#15 2015 63.2
#16 2016 63.3
#17 2017 63.8
#18 2018 62.7
#19 2019 63.2
man x y
#1 2001 61.8
#2 2002 62.0
#3 2003 62.4
#4 2004 62.6
#5 2005 62.5
#6 2006 63.6
#7 2007 64.7
#8 2008 63.7
#9 2009 65.3
#10 2010 63.9
#11 2011 63.7
#12 2012 64.7
#13 2013 64.6
#14 2014 64.9
#15 2015 64.6
#16 2016 64.9
#17 2017 65.0
#18 2018 64.2
#19 2019 64.8

levensverwachting zonder lichamelijke beperkingen

vrouw x y
#1 2001 68.5
#2 2002 69.2
#3 2003 68.6
#4 2004 67.8
#5 2005 68.5
#6 2006 69.2
#7 2007 69.9
#8 2008 69.5
#9 2009 69.9
#10 2010 69.7
#11 2011 70.0
#12 2012 69.5
#13 2013 70.5
#14 2014 69.5
#15 2015 69.4
#16 2016 70.5
#17 2017 70.7
#18 2018 70.8
#19 2019 70.8
man x y
#1 2001 68.7
#2 2002 69.4
#3 2003 69.4
#4 2004 69.3
#5 2005 70.2
#6 2006 70.2
#7 2007 70.7
#8 2008 70.9
#9 2009 71.2
#10 2010 70.2
#11 2011 71.1
#12 2012 71.9
#13 2013 71.2
#14 2014 72.1
#15 2015 72.4
#16 2016 72.4
#17 2017 73.2
#18 2018 73.1
#19 2019 73.5

Bron:CBS (GE’01-’19)

Vrouwen minder positief over eigen gezondheid dan mannen

Vrouwen beoordelen hun gezondheid gemiddeld minder positief dan mannen. In 2019 gaf 76% van de vrouwen aan hun gezondheid als (zeer) goed te ervaren. Van de mannen was dat 81% (CBS StatLine 2020a). Ook melden meer vrouwen van 12 jaar en ouder dan mannen van die leeftijd ten minste één lichamelijke beperking te hebben: 18% tegen 15%. Vrouwen hebben vooral vaker een beperking in bewegen en zien. Met uitzondering van de 12- tot 25-jarigen hebben vrouwen in iedere leeftijdsgroep meer beperkingen dan mannen (CBS StatLine 2020b). Naarmate vrouwen en mannen ouder zijn, ervaren ze minder vaak een (zeer) goede gezondheid en neemt onder hen ook het aandeel met een beperking toe.

Ervaren gezondheid en geluk

ervaren gezondheid en geluk

# (zeer) goede ervaren gezondheid zonder lichamelijke beperking, ≥12 jaar psychisch gezond, ≥12 jaar gelukkig, ≥18 jaar
vrouwen 76.3 84.7 86.4 89.1
mannen 81.2 91.6 90.7 88.8

Bron:CBS (GE’19 en Sociale Samenhang en Welzijn ’19)

Vrouwen relatief vaak psychisch ongezond

Vrouwen ervaren vaker psychische gezondheidsklachten dan mannen: 14% van de vrouwen van 12 jaar en ouder en 9% van de even oude mannen zijn psychisch ongezond in de vier weken voorafgaand aan het onderzoek. Ook zeggen vrouwen van die leeftijd meer dan mannen depressieve gevoelens te hebben of deze in de voorgaande twaalf maanden te hebben gehad (CBS StatLine 2020a). Volwassenen vrouwen en mannen geven even vaak aan gelukkig te zijn.

Meer ziekteverzuim bij vrouwelijke werknemers

Niet alleen rapporteren vrouwen meer gezondheidsproblemen, ook verzuimen ze op hun werk meer dan mannen wegens ziekte. In 2019 bedroeg het ziekteverzuim onder vrouwelijke werknemers van 15 tot 65 jaar 5,3%. Bij mannen van die leeftijd was dat 3,6%. Dit betekent dat vrouwen van elke 1000 te werken dagen er 53 verzuimden wegens ziekte, en mannen 36. De verzuimcijfers komen uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), die wordt uitgevoerd door CBS en TNO.

Het ziekteverzuimpercentage is al jaren hoger onder vrouwen dan onder mannen, waarbij het verschil het grootst is in de leeftijd van 25 tot 45 jaar. Het verzuim is exclusief zwangerschaps- en bevallingsverlof, maar inclusief ‘gewoon’ verzuim wegens klachten in verband met de zwangerschap. Deze klachten waren in 2019 goed voor ongeveer 3 op de 100 verzuimgevallen onder vrouwen. Zowel mannelijke als vrouwelijke werknemers verzuimen verreweg het vaakst vanwege griep of verkoudheid.

In het eerste kwartaal van 2020 liep het ziekteverzuim op tot 5,2%; het hoogste verzuim in 17 jaar. Dit hangt samen met de uitbraak van het coronavirus COVID-19 vanaf eind februari in Nederland. In de zorg waar ruim acht op de tien werknemers vrouwen zijn, lag het verzuim ruim boven het gemiddelde (zie ook CBS 2020c). In het tweede kwartaal was het ziekteverzuim iets hoger dan in dezelfde periode in 2019.

Ziekteverzuim volgens werknemers

ziekteverzuim volgens werknemers naar leeftijd, werknemers van 15 tot 75 jaar, 2014-2017 (in procenten)

# totaal 15-24 jaar 25-34 jaar 35-44 jaar 45-54 jaar 55-64 jaar
vrouw 5.3 2.7 5.2 5.6 5.7 7
man 3.6 2.1 2.6 3.3 4 6.1

Bron:CBS/TNO (NEA’19)

Mannen roken, drinken én bewegen meer dan vrouwen

Mannen hebben over het algemeen een ongezondere leefstijl dan vrouwen, wat bijdraagt aan hun lagere levensverwachting (Luy 2004; Stronks et al. 2008). Niet alleen roken mannen van 12 jaar en ouder vaker dan even oude vrouwen (24% tegenover 17%), ook geven ze vaker aan het afgelopen jaar alcohol te hebben gedronken (81% tegenover 71%). Bovendien is onder mannen zowel het percentage overmatige drinkers als het percentage zware drinkers hoger dan onder vrouwen. Tussen 2001 en 2019 is het aandeel rokers bij mannen en vrouwen weer verder afgenomen. In deze jaren werden door de overheid verschillende maatregelen ingevoerd om het roken te ontmoedigen, zoals rook-, reclame- en verkoopverboden en accijnsverhogingen. Ook kromp het aandeel overmatige drinkers bij beide groepen in deze periode.

Daarnaast hebben meer mannen dan vrouwen overgewicht. In 2019 was 48% van de mannen van 4 jaar of ouder te zwaar, tegenover 40% van de vrouwen. Wel hebben mannen vaker een matig overgewicht dan vrouwen, terwijl vrouwen meer kampen met ernstig overgewicht (zie m/v-stat). Zowel mannen als vrouwen zijn tegenwoordig vaker te zwaar dan in 2001.

Alleen wat betreft bewegen zijn mannen gezonder bezig dan vrouwen. In 2019 voldeed ruim de helft (51%) van hen aan de beweegrichtlijnen die de Gezondheidsraad eind 2017 heeft opgesteld. Van de vrouwen was dat bij 47% het geval. Er zijn steeds meer mannen en vrouwen die bewegen conform deze richtlijn.

Leefstijlen

roken

vrouw x y
#1 2001 29.3
#2 2002 28.2
#3 2003 27.3
#4 2004 25.8
#5 2005 25.3
#6 2006 25.2
#7 2007 25.2
#8 2008 24.2
#9 2009 23.3
#10 2010 22.9
#11 2011 22.0
#12 2012 20.5
#13 2013 20.1
#14 2014 20.8
#15 2015 21.2
#16 2016 18.5
#17 2017 18.1
#18 2018 18.2
#19 2019 17.1
man x y
#1 2001 37.4
#2 2002 36.5
#3 2003 34.3
#4 2004 33.6
#5 2005 33.8
#6 2006 34.1
#7 2007 30.7
#8 2008 31.1
#9 2009 30.9
#10 2010 28.4
#11 2011 29.2
#12 2012 26.2
#13 2013 26.4
#14 2014 27.6
#15 2015 28.1
#16 2016 27.0
#17 2017 25.3
#18 2018 23.8
#19 2019 23.7

overgewicht

vrouw x y
#1 2001 34.6
#2 2002 33.9
#3 2003 35.4
#4 2004 36.6
#5 2005 35.0
#6 2006 36.3
#7 2007 34.8
#8 2008 36.4
#9 2009 36.9
#10 2010 37.4
#11 2011 37.4
#12 2012 36.9
#13 2013 37.8
#14 2014 40.0
#15 2015 39.9
#16 2016 41.4
#17 2017 40.5
#18 2018 41.6
#19 2019 40.1
man x y
#1 2001 42.1
#2 2002 43.2
#3 2003 43.0
#4 2004 43.6
#5 2005 42.8
#6 2006 43.3
#7 2007 43.2
#8 2008 44.7
#9 2009 44.8
#10 2010 46.0
#11 2011 45.9
#12 2012 46.1
#13 2013 45.4
#14 2014 46.3
#15 2015 46.3
#16 2016 45.3
#17 2017 45.7
#18 2018 46.2
#19 2019 48.1

voldoet aan beweegrichtlijn

vrouw x y
#1 2001 39.9
#2 2002 41.2
#3 2003 38.9
#4 2004 40.6
#5 2005 43.9
#6 2006 41.6
#7 2007 44
#8 2008 43.7
#9 2009 41.5
#10 2010 43.4
#11 2011 44.1
#12 2012 45.1
#13 2013 44
#14 2014 43.5
#15 2015 42.9
#16 2016 42.6
#17 2017 44.2
#18 2018 44.5
#19 2019 47
man x y
#1 2001 39.9
#2 2002 40.1
#3 2003 41.4
#4 2004 40.5
#5 2005 41.9
#6 2006 42.3
#7 2007 41.6
#8 2008 42.2
#9 2009 42.8
#10 2010 44.1
#11 2011 44
#12 2012 47.8
#13 2013 45.9
#14 2014 43.8
#15 2015 43.9
#16 2016 43.4
#17 2017 47.1
#18 2018 49.2
#19 2019 51.1

overmatig drinken

vrouw x y
#1 2001 8.4
#2 2002 8.1
#3 2003 6.9
#4 2004 6.9
#5 2005 7.6
#6 2006 7.2
#7 2007 7.2
#8 2008 6.7
#9 2009 6.5
#10 2010 5.6
#11 2011 5.6
#12 2012 7.1
#13 2013 6.4
#14 2014 7.5
#15 2015 7.0
#16 2016 6.9
#17 2017 6.7
#18 2018 6
#19 2019 6.1
man x y
#1 2001 15.1
#2 2002 13.3
#3 2003 12.2
#4 2004 11.8
#5 2005 12.0
#6 2006 13.0
#7 2007 11.4
#8 2008 11.7
#9 2009 10.4
#10 2010 8.3
#11 2011 8.9
#12 2012 9.5
#13 2013 10.0
#14 2014 11.0
#15 2015 10.9
#16 2016 9.6
#17 2017 10.6
#18 2018 9.2
#19 2019 9.8

aDe cijfers van de jaren voor 2014 kunnen niet zonder meer vergeleken worden met die vanaf 2014, omdat er in 2014 een herontwerp van de Gezondheidsenquête heeft plaatsgevonden.

Bron:CBS (GE’01-’13); CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-Instituut (GE/LSM’14-’19)

Literatuur

CBS (2020a). 10 duizend coronadoden tijdens eerste golf van de pandemie. CBS nieuwsbericht, 1 oktober 2020. Geraadpleegd op 1 oktober 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/40/10-duizend-coronadoden-tijdens-eerste-golf-van-de-pandemie.

CBS (2020b). Levensverwachting in 2019 toegenomen. CBS nieuwsbericht, 25 september 2020. Geraadpleegd op 25 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/39/levensverwachting-in-2019-toegenomen.

CBS (2020c). Ziekteverzuim eerste kwartaal hoogste in 17 jaar. CBS nieuwsbericht, 8 mei 2020. Geraadpleegd op 21 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2020/19/ziekteverzuim-eerste-kwartaal-hoogste-in-17-jaar.

CBS StatLine (2020a). Gezondheid en zorggebruik; persoonskenmerken. Geraadpleegd op 21 september 2020 via https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/83005ned/table?dl=41EE8.

CBS StatLine (2020b). Gezondheid en zorggebruik; geslacht, leeftijd, persoonskenmerken. Geraadpleegd op 30 november 2020 via https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/83384NED/table?dl=468AF.

Luy, Marc (2004). Causes of Male Excess Mortality: Insights from Cloistered Populations. In: Population and Development Review, jg. 29, nr. 4, p. 647-676.

Stoeldraijer, L. (2020a). Sterfte en levensverwachting in de 21ste eeuw: waarom veranderde de trend rond 2012? In: Statistische Trends, september 2020. Geraadpleegd op 25 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2020/sterfte-en-levensverwachting-in-de-21ste-eeuw-waarom-veranderde-de-trend-rond-2012-.

Stoeldraijer, L. (2020b). De invloed van corona op onze levensverwachting. In: Statistische Trends, september 2020. Geraadpleegd op 25 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2020/de-invloed-van-corona-op-onze-levensverwachting.

Stoeldraijer, L., en C. Harmsen (2020). Verschillen in sterfte tussen mannen en vrouwen tijdens de eerste vijf weken van de corona-epidemie. In: Statistische Trends, juni 2020. Geraadpleegd op 11november 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2020/verschil-sterfte-naar-geslacht-tijdens-eerste-vijf-weken-corona-epidemie.

Stronks, K., G.O. Agyernang en J.P. Mackenbach (2008). Man-vrouw verschillen in gezondheid en zorg zijn voor een groot deel maatschappelijk bepaald. In: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, jg. 152, nr. 40, p. 2163-2164.

Willemsen, M.C. (2017). Het Nederlandse tabaksontmoedigingsbeleid. Mijlpalen in het verleden en een blik op de toekomst. In: Nederlands tijdschrift voor geneeskunde. Geraadpleegd op 25 september 2020 via https://www.ntvg.nl/artikelen/het-nederlandse-tabaksontmoedigingsbeleid/volledig.

Deze kaart citeren

Brakel, M. van den et al. (2020). Emancipatiemonitor 2020: Vrouwen leven langer, maar zijn ze ook gezonder?. Geraadpleegd op [datum vandaag] via https://digitaal.scp.nl/emancipatiemonitor2020/vrouwen-leven-langer-maar-zijn-ze-ook-gezonder.

Informatie noten

De gezonde levensverwachting is het aantal jaren dat een persoon bij de geboorte naar verwachting (nog) in goede gezondheid zal leven, onder de aanname dat de sterftekansen en de prevalenties van (on)gezondheid gelijk blijven aan die in het peiljaar. Voor de levensverwachting in goed ervaren gezondheid is het aantal 'gezonde' jaren bepaald op basis van de vraag 'Hoe is over het algemeen uw gezondheidstoestand?' in de CBS-Gezondheidsenquête. Mensen die deze vraag beantwoorden met 'goed' of 'zeer goed' worden gezond genoemd.

De levensverwachting zonder lichamelijke beperkingen is het aantal jaren dat een persoon bij de geboorte naar verwachting (nog) zal leven zonder lichamelijke beperkingen. Voor het berekenen van levensverwachting zonder lichamelijke beperkingen zijn gegevens gebruikt over langdurige beperkingen in horen, zien en bewegen.

Beperking: het hebben van minstens één langdurige beperking in horen, zien of bewegen. Mensen die op minstens één van de onderstaande vragen het antwoord ‘ja, met grote moeite’ of ‘nee, dat kan ik niet’ geven, worden beschouwd als lichamelijk beperkt: Kunt u een gesprek volgen in een groep van 3 of meer personen (zo nodig met hoorapparaat)? Kunt u met één andere persoon een gesprek voeren (zo nodig met hoorapparaat)? Zijn uw ogen goed genoeg om de kleine letters in de krant te kunnen lezen (zo nodig met bril of contactlenzen)? Kunt u op een afstand van 4 meter het gezicht van iemand herkennen (zo nodig met bril of contactlenzen)? Kunt u een voorwerp van 5 kilo, bijvoorbeeld een volle boodschappentas, 10 meter dragen? Kunt u als u staat, bukken en iets van de grond oppakken? Kunt u 400 meter aan een stuk lopen zonder stil te staan (zo nodig met stok)?

Als psychisch ongezond worden personen van 12 jaar of ouder beschouwd die minder dan 60 scoren op de Mental Health Inventory (MHI-5). De MHI-5 is een internationale standaard voor een specifieke meting van de psychische gezondheid, bestaande uit 5 vragen die steeds betrekking hebben op hoe men zich in de afgelopen 4 weken voelde. Gevraagd is: Voelde u zich erg zenuwachtig? Zat u zo erg in de put dat niets u kon opvrolijken? Voelde u zich kalm en rustig? Voelde u zich neerslachtig en somber? Voelde u zich gelukkig? Iedere vraag heeft de volgende 6 antwoordcategorieën: voortdurend, meestal, vaak, soms, zelden, nooit. Bij de positief geformuleerde vragen van de MHI-vragenlijst (vraag 3 en 5) zijn voor de antwoordcategorieën in volgorde de waarden 5, 4, 3, 2, 1, en 0 toegekend. Bij de negatief geformuleerde vragen (vraag 1, 2 en 4) zijn precies de omgekeerde waarden toegekend. Vervolgens zijn per persoon de somscores berekend en zijn deze vermenigvuldigd met 4, zodat de minimale somscore van een persoon 0 (zeer ongezond) en de maximale score 100 (perfect gezond) kan bedragen. Bij een score van 60 of meer is een respondent gekwalificeerd als psychisch gezond en bij een score van minder dan 60 als psychisch ongezond.

Alcohol afgelopen jaar:
Percentage personen van 12 jaar of ouder in de bevolking dat met ja antwoordt op de vraag: Heeft u in de afgelopen 12 maanden wel eens alcoholhoudende drank gedronken, bijvoorbeeld bier, wijn, likeur, jenever of alcoholhoudende drank gemengd met frisdrank, zoals breezers? Alcoholvrij of alcoholarm bier telt hier niet mee.

Zware drinkers:
Percentage van de bevolking van 12 jaar of ouder dat minstens 1 keer per week 6 of meer glazen alcohol op één dag drinkt (mannen) of minstens 1 keer per week 4 of meer glazen alcohol op één dag drinkt (vrouwen).

Overmatige drinkers:
Percentage van de bevolking van 12 jaar of ouder dat meer dan 21 glazen per week (mannen) of meer dan 14 glazen per week (vrouwen) drinkt.

Aan jongeren tot 18 jaar wordt sinds einde 2013 aanbevolen om geen alcohol te consumeren (Nix-campagne), maar om een trend in de percentages zware/overmatige drinkers te kunnen weergeven werd bovengenoemde definitie van zware/overmatige drinkers alle jaren toegepast.

Overgewicht:
Het percentage mensen met een BMI (Body Mass Index) van 25 of hoger. De BMI is het quotiënt van het lichaamsgewicht in kilogrammen en het kwadraat van de lengte in meters [kg/m2]. Voor personen jonger dan 20 jaar gelden andere grenswaarden. Deze waarden hangen af van de leeftijd en het geslacht.

Matig overgewicht:
Het percentage mensen met een BMI (Body Mass Index) tussen de 25 en 30.

Ernstig overgewicht:
Het percentage mensen met een BMI (Body Mass Index) van 30 of hoger.

Beweegrichtlijnen:
De Beweegrichtlijnen zijn eind 2017 opgesteld door de Gezondheidsraad. Deze nieuwe richtlijnen vervangen de Nederlandse Norm Gezond Bewegen. Personen vanaf 18 jaar dienen minstens 2,5 uur per week matig intensieve inspanning te verrichten verspreid over diverse dagen, zoals wandelen en fietsen, en minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten te verrichten. Jongeren van 4 tot en met 17 jaar dienen minstens elke dag een uur matig intensieve inspanning te verrichten en minstens driemaal per week spier- en botversterkende activiteiten te verrichten.