CBSSCP

Emancipatiemonitor 2020

3 / 18

Meisjes vlijtig door het onderwijs en jongens een flitsende loopbaanstart?

Meisjes doen het over het algemeen beter in het onderwijs dan jongens. Ze zitten bijvoorbeeld vaker in de hogere onderwijsniveaus, verlaten minder vaak voortijdig hun opleiding en gaan sneller door hun studie heen. Deze ontwikkeling werkt ook geleidelijk door in het opleidingsniveau van de bevolking. Inmiddels is het aandeel hoogopgeleiden onder 15- tot 65-jarigen bij vrouwen groter dan bij mannen. Vlak na het behalen van hun diploma hebben vrouwen vrijwel even vaak betaald werk als mannen. Wel werken ze vaker in deeltijd. Dit verschil in deeltijdwerken neemt later in hun loopbaan verder toe (zie Kaart 5).

Meisjes volgen hogere niveaus in onderwijs

In groep 8 van de basisschool krijgen meisjes een vergelijkbaar advies voor het voortgezet onderwijs (vo) als jongens. Vervolgens blijkt dat ze in het derde leerjaar van het vo vaker een hoger niveau volgen dan het advies dat ze kregen, terwijl jongens juist vaker in een lager niveau zijn terechtgekomen (CBS 2018). In het derde leerjaar van het voortgezet onderwijs is 49% van de leerlingen een meisje, maar op de havo en het vwo is hun aandeel meer dan de helft. In het praktijkonderwijs en de beroepsgerichte leerwegen van het vmbo (vmbo-b en vmbo-k) zijn jongens juist oververtegenwoordigd (zie ook CBS 2019a, 2019b).

Ook na het voortgezet onderwijs volgen meisjes vaker de hogere niveaus dan jongens. In het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) zijn meisjes oververtegenwoordigd in niveau 4, terwijl jongens meer dan gemiddeld de entreeopleiding of niveau 2 en 3 volgen. In het hoger beroepsonderwijs (hbo) en wetenschappelijk onderwijs (wo) bestaat meer dan de helft van de eerstejaarsstudenten uit meisjes. De afgelopen 10 jaar is er weinig veranderd in deze cijfers. Alleen bij promoties is het aandeel vrouwen verder gegroeid: van 42% in 2009/’10 tot 47% in 2018/’19.

Meisjes en vrouwen per onderwijssoort

aandeel meisjes per onderwijssoort (in procenten)

# voortgezet onderwijs, leerjaar 3 praktijkonderwijs vmbo-bk vmbo-gt havoᵇ vwo middelbaar beroepsonderwijsᶜ entreeopleiding niveau 2 niveau 3 niveau 4 hoger onderwijs, 1e jaars bach/doct hoger beroepsonderwijs wetenschappelijk onderwijs promotiesᵈ
41.9 43.7 48.7 51.3 53.7 40.0 37.6 46.0 53.0 0
49.1 48.3 55.3 55.1 47.4

aVoorlopige cijfers.

bInclusief algemeen leerjaar.

cInclusief extranei.

dCijfer betreft 2018/’19.

Bron:CBS (Onderwijsstatistieken 2019/’20)

Jongens vaker voortijdig schoolverlater

Jongens zijn vaker voortijdig schoolverlater dan meisjes. Van de jongeren die in het schooljaar 2018/’19 onderwijs volgden in het vo, vavo of mbo had 1,7% van de meisjes en 3,0% van de jongens een schooljaar later het onderwijs zonder startkwalificatie verlaten (CBS StatLine 2020a). Na een jarenlange daling zijn deze percentages sinds schooljaar 2017/’18 weer iets gestegen. Ook is het verschil tussen meisjes en jongens weer wat groter geworden. Ruim driekwart van de voortijdig schoolverlaters is afkomstig uit het mbo.

Vrouwen succesvoller in hoger onderwijs

Vrouwen nemen niet alleen vaker deel aan het hoger onderwijs, ze sluiten hun studie ook doorgaans sneller en vaker met een diploma af dan mannen. Zo had 62% van de vrouwen die in 2011 begonnen waren met een studie in het wo zeven jaar later een wo-master behaald, tegenover 47% van de mannen. Ook had toen ruim 6% van de mannen het hoger onderwijs zonder diploma (hbo of wo) verlaten, tegen minder dan 3% van de vrouwen. Bij studenten die in 2012 met een hbo-opleiding waren gestart, is na zes jaar een soortgelijk patroon te zien. Wel is het aandeel dat zonder diploma uit het hoger onderwijs uitstroomt bij dit hbo-cohort aanmerkelijk groter dan bij het wo-cohort.

Studiesucces zes/zeven jaar na start hoger onderwijs

hbo-cohort 2012

# vrouw man
wo-master 2.9 1.8
hbo-bachelor of -master 61.1 46.4
in wo 2.8 2.7
in hbo 12.4 21.1
uit ho met wo-bachelor 0.8 0.5
uit ho zonder diploma 20 27.6

wo-cohort 2011

# vrouw man
wo-master 62.2 46.7
hbo-bachelor of -master 6.8 7
in wo 18.4 27.6
in hbo 1.8 3.9
uit ho met wo-bachelor 8.1 8.3
uit ho zonder diploma 2.8 6.4

Bron:CBS (Onderwijsstatistieken 2011/’12, 2012/’13, 2019/’20)

Vrouwen vaker hoogopgeleid dan mannen

Doordat vrouwen vaker en succesvoller hoger onderwijs volgen dan mannen, is het aandeel hoogopgeleiden in de totale niet-onderwijsvolgende bevolking van 15 tot 65 jaar de afgelopen jaren harder gegroeid onder vrouwen dan onder mannen (CBS StatLine 2020b). In 2017 waren 15- tot 65-jarige vrouwen voor het eerst vaker hoogopgeleid dan mannen van die leeftijd. Van de vrouwen had in 2019 zo’n 38% een opleiding op ten minste hbo-niveau voltooid; van de mannen was dat 37%. Onder 45-plussers is het aandeel hoogopgeleiden bij mannen nog wel groter dan bij vrouwen.

Ook zijn binnen paren van 25 jaar en ouder vrouwen steeds vaker hoger opgeleid dan hun partner. Inmiddels is dat bij bijna een kwart van de stellen het geval. Tegelijkertijd komt het steeds minder voor dat een vrouw lager opgeleid is dan haar partner (CBS StatLine 2020c).

Onderwijsniveau bevolking

15-64 jaar (totaal)

# vrouw man
laag onderwijsniveau 21.2 21.4
middelbaar onderwijsniveau 39.1 39.6
hoog onderwijsniveau 37.9 37.0
weet niet / onbekend 1.8 2.0

15-64 jaar naar leeftijd

15-24 jaar25-34 jaar35-44 jaar45-54 jaar55-64 jaar
# vrouw man vrouw man vrouw man vrouw man vrouw man
laag onderwijsniveau 21.4 32.5 11.3 14.9 13.8 17.3 21.8 21.8 34.3 27.1
middelbaar onderwijsniveau 51.4 50.8 34.7 40.3 36.7 37.9 43.1 39.9 38 37.3
hoog onderwijsniveau 25.5 13.8 52.6 43.4 47.4 42.6 33.2 36.3 25.9 33.5
weet niet / onbekend 1.8 2.8 1.4 1.5 2.1 2.2 1.9 2.1 1.8 2.0

aIn de groep 15- tot 25-jarigen zijn relatief weinig hoogopgeleiden. Een deel van deze groep is immers nog bezig met hun opleiding.

Bron:CBS (EBB’19)

Vrouwen werken aan begin loopbaan al meer in deeltijd

Vrouwelijke mbo’ers, hbo’ers en wo’ers hebben vlak na het voltooien van hun opleiding vrijwel even vaak betaald werk als mannen. Wel werken ze dan al minder vaak voltijds (35 uur of meer) dan mannen (zie ook Kaart 5 en Merens en Bucx 2018). De verschillen zijn kleiner naarmate het onderwijsniveau hoger is. Zowel bij vrouwen als bij mannen groeit het aandeel met een voltijdbaan in de twee jaar nadat ze hun opleiding hebben afgerond. Bij de wo’ers en hbo’ers slinkt daarbij het verschil tussen vrouwen en mannen, bij de mbo’ers wordt het juist groter.

Voltijds werken (≥ 35 uur per week) na afronden mbo, hbo of wo

mbo (bol-vt en bbl)

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 27 43 47
man 58 77 82

hbo-bachelor

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 40 65 70
man 60 82 86

wo-master

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 54 79 83
man 66 88 92

Bij mbo’ers verdienen vrouwen meer per uur dan mannen

Bij werkende vrouwen met een mbo-diploma is het mediane uurloon vlak na het behalen van hun diploma hoger dan dat van mannelijke mbo’ers. In de daaropvolgende twee jaar wordt dit onderscheid wat kleiner (CBS StatLine 2020d). Een deel van het verschil hangt samen met het behaalde mbo-niveau: vrouwen halen vaak een hoger niveau dan mannen (zie ook Pleijers en Hartgers 2019). Bij de hbo-bachelor-gediplomeerden ontlopen de uurlonen van mannen en vrouwen elkaar tegenwoordig niet veel. Weer anders is het bij de wo’ers, binnen die groep krijgen vrouwen in doorsnee iets minder per uur betaald dan mannen (CBS StatLine 2020e). Vrouwen zijn doorgaans in andere sectoren actief dan mannen (zie Kaart 4).

Loon na afronden mbo, hbo of wo

mbo (bol-vt en bbl)

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 12.66 13.90 15.10
man 11.80 13.12 14.61

hbo-bachelor

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 14.73 16.35 18.14
man 14.85 16.25 18.12

wo-master

# oktober 2016 oktober 2017 oktober 2018
vrouw 15.86 18.06 20.00
man 16.88 18.28 20.58

Bron:CBS (Onderwijsstatistieken 2015/’16, Stelsel van Sociaal-statistische Bestanden ’16, ’17, ’18)

Literatuur

CBS (2018). Jaarrapport 2018 Landelijke Jeugdmonitor. Den Haag/Heerlen/Bonaire: Centraal Bureau voor de Statistiek.

CBS (2019a). Meisjes vaker dan jongens op hoogste niveau mbo. CBS nieuwsbericht, 30 september 2019. Geraadpleegd op 18 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2019/40/meisjes-vaker-dan-jongens-op-hoogste-niveau-mbo.

CBS (2019b). Jongens staan na een jaar al op achterstand op het vo. CBS nieuwsbericht, 3 september 2019. Geraadpleegd op 18 september via https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2019/36/meisjes-binnen-7-jaar-vo-hoger-niveau-diploma-dan-jongens.

CBS StatLine (2020a). Voortijdig schoolverlaters; geslacht, leeftijd en migratieachtergrond. Geraadpleegd op 18 september 2020 via https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/84781NED/table?dl=3CC80.

CBS StatLine (2020b). Bevolking; onderwijsniveau; geslacht, leeftijd en migratieachtergrond. Geraadpleegd op 18 september 2020 via http://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/82275NED/table?dl=140D4.

CBS StatLine (2020c). Onderwijsniveau van personen en partner. Geraadpleegd op 18 september 2020 via http://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/83613NED/table?dl=B657.

CBS StatLine (2020d). Uitstromers mbo werkzaam als werknemers; uurloon na verlaten onderwijs. Geraadpleegd op 18 september 2020 via http://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/83832NED/table?dl=3DCE7.

CBS StatLine (2020e). Uitstromers ho werkzaam als werknemers; uurloon na verlaten onderwijs. Geraadpleegd op 18 september 2020 via http://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/83815NED/table?dl=3DCE5.

Merens, A. en F. Bucx (2018). Werken aan de start. Jonge vrouwen en mannen op de arbeidsmarkt. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau.

Pleijers, A. en M. Hartgers (2019). De kenmerken van schoolverlaters en hun arbeidspositie vijf jaar later. In: Statistische Trends, juli 2019. Geraadpleegd op 18 september 2020 via https://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2019/26/kenmerken-schoolverlaters-en-arbeidspositie-vijf-jaar-later.

Deze kaart citeren

Brakel, M. van den et al. (2020). Emancipatiemonitor 2020: Meisjes vlijtig door het onderwijs en jongens een flitsende loopbaanstart?. Geraadpleegd op [datum vandaag] via https://digitaal.scp.nl/emancipatiemonitor2020/meisjes-vlijtig-door-het-onderwijs-en-jongens-een-flitsende-loopbaanstart.

Informatie noten

Deze cijfers wijken af van die in Kaart 7. Hier gaat het om de ontwikkeling van het mediane uurloon van drie verschillende cohorten mbo’ers, hbo-bachelors en wo-masters in de eerste twee jaar na het behalen van hun diploma in schooljaar 2015/’16. In Kaart 7 wordt het gemiddelde uurloon van werknemers (totaal en per leeftijd) voor 2018 besproken.