Arbeidsmarkt in kaartWerkgevers - editie 3

6 / 15

Nemen werkgevers mensen met een arbeidsbeperking in dienst?

Auteurs: Lisette Swart en Sanne van der Laan

Ondanks krapte op de arbeidsmarkt blijft de arbeidsparticipatie onder mensen met een arbeidsbeperking relatief laag (UWV 2022a). Hoewel er dus een substantieel onbenut arbeidspotentieel bij deze groep mensen zit, vinden zij maar moeizaam werk. In deze kaart analyseren we hoe werkgevers kijken naar het aannemen van mensen met een arbeidsbeperking. We zien dat het aantal werkgevers dat geen (extra) mensen met een arbeidsbeperking wil aannemen, afneemt, al nemen werkgevers nog niet vaker mensen uit deze groep aan dan in het verleden. De meest genoemde reden om geen (extra) mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen, is dat er binnen de organisatie geen geschikte functies voor hen zijn. Tot slot blijken veel subsidieregelingen nog altijd niet bekend te zijn bij werkgevers, met name binnen kleinere organisaties.

Sinds 2015 is de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten ingegaan. Gerelateerd hieraan hebben het kabinet en werkgevers in het Sociaal Akkoord 2013 een banenafspraak gemaakt: in 2025 zouden er 125.000 extra banen voor mensen met een arbeidsbeperking gerealiseerd worden. In januari 2022 publiceerde het UWV dat er sinds de start van de banenafspraak ruim 70.000 extra banen gerealiseerd zijn (UWV 2022b). In 2018 bestond minder dan 2% van het personeelsbestand uit mensen met een arbeidsbeperking (zie Vinden werkgevers doelgroepenbeleid belangrijk?).

Werkgevers zijn vaker positiever over mensen met een arbeidsbeperking, maar nemen hen nog niet vaker aan

We zien dat 1 op de 6 werkgevers in het Arbeidsvraagpanel in 2020 aangaf iemand met een arbeidsbeperking in dienst te hebben (figuur 1). Dit is vergelijkbaar met het aandeel 2 jaar eerder (Van Echtelt 2019). Toch stijgt het aantal werkgevers dat aangeeft dat zij zich als organisatie verantwoordelijk voelen om mensen met zulke beperkingen in dienst te nemen. Tot slot geeft bijna een kwart van de werkgevers aan bereid te zijn om (meer) mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Hoewel de houding van werkgevers ten opzichte van mensen met een arbeidsbeperking dus positiever is geworden, vertaalt dit zich nog niet in een toename van het aantal organisaties dat daadwerkelijk mensen met een arbeidsbeperking in dienst neemt.

Figuur 1Werkgevers over het aannemen van mensen met een arbeidsbeperkinga

totaal
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 16 84
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 38 40 23
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 24 46 30
industrie en landbouw
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 26 74
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 46 34 20
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 30 36 34
bouwnijverheid
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 19 81
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 36 33 31
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 29 38 34
handel, horeca, reparatie
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 14 86
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 37 37 26
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 29 40 31
transport
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 12 88
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 39 27 33
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 25 41 35
zakelijke dienstverlening
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 11 89
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 33 45 22
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 17 58 26
zorg en welzijn
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 15 85
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 34 46 21
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 18 46 36
overige dienstverlening
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 22 78
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 44 41 16
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 23 52 25
overheid
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 52 48
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 68 28 4
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 47 38 15
onderwijs
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 19 81
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 41 46 13
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 18 59 23
kleine organisaties
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 9 91
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 34 41 25
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 22 44 34
middelgrote organisaties
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 29 71
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 44 36 19
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 27 50 23
grote organisaties
ja misschien nee
Heeft mensen met een arbeidsbeperking in dienst 53 47
Voelt zich verantwoordelijk om deze groep in dienst te nemen 63 32 5
Wil (meer) mensen met arbeidsbeperking in dienst nemen 37 52 11

aDeze figuur is gebaseerd op 3 enquêtevragen (in procenten, exclusief sociale werkvoorzieningsbedrijven): (1) Heeft u werknemers in dienst die door zintuiglijke, motorische, psychische of andere beperkingen extra aandacht nodig hebben om hun werk te doen? (ja/nee); (2) Voelt uw organisatie/vestiging zich verantwoordelijk om zulke mensen in dienst te nemen? (ja/enigszins/nee); (3) Denkt u de komende 2 jaar meer/wel mensen met zulke beperkingen in dienst te nemen? (ja/misschien/nee).

Noot:Kleine organisaties: < 20 werknemers, middelgrote organisaties: 20-100 werknemers, grote organisaties: > 100 werknemers.

Bron:SCP (AVP’19/’20)

Data:Download bronbestand (spreadsheet)

Figuur 1 laat ook zien dat er flinke verschillen zijn tussen sectoren als het gaat om het aantal organisaties dat arbeidsbeperkten in dienst heeft. Zo hebben overheidsinstanties in meer dan de helft van de gevallen mensen met een arbeidsbeperking in dienst en organisaties in de landbouw- en de industriesector in ongeveer een kwart van de gevallen. In de transportsector en de zakelijke dienstverlening ligt het aandeel organisaties met mensen met een arbeidsbeperking in dienst echter slechts rond de 12%.

Kleinere organisaties staan minder positief tegenover het aannemen van mensen met een arbeidsbeperking dan grotere organisaties. Kleine organisaties hebben ook minder vaak mensen met een arbeidsbeperking in dienst dan grote organisaties: 9% van de kleine organisaties heeft 1 of meer mensen met een arbeidsbeperking in dienst, terwijl dit bij grote organisaties meer dan de helft is. Bij grotere organisaties zien we ook dat een groter aandeel van de werkgevers zich verantwoordelijk voelt. Ook zijn zij meer geneigd om (extra) mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen.

Meest genoemde reden om geen (extra) mensen met een beperking aan te nemen is dat er geen geschikte functies voor hen zijn

Uit figuur 1 blijkt dat ongeveer 30% van de werkgevers geen (extra) mensen met een arbeidsbeperking in dienst wil nemen. Figuur 2 laat zien dat bijna de helft van de werkgevers die geen extra mensen met een arbeidsbeperking willen aannemen, aangeeft dat er binnen hun organisatie geen geschikte functies voor deze mensen beschikbaar zijn. Deze werkgevers zien dus blijkbaar ook geen mogelijkheden om nieuwe functies te creëren of om bestaande functies in delen op te splitsen. Daarnaast geeft bijna een kwart van de werkgevers aan dat ze bij het aannemen van mensen kijken naar kwaliteit en niet of mensen een beperking hebben.

Figuur 2Belangrijkste redenen om geen (extra) mensen met een arbeidsbeperking aan te nemen

geen geschikte functies te weinig capaciteit voor begeleiding en ondersteuning lage productiviteit mensen met beperkingen administratieve lasten onbekend hoe deze groep te werven kijken naar kwaliteit, niet naar beperking geen nieuwe medewerkers nodig anders
totaal 46,3 12,8 1 0,7 1 23 14,1 1,1
industrie en landbouw 52,4 15,1 0 0,7 0 18,7 12,2 0,8
bouwnijverheid 58,4 10 0 0 0 18,9 12,6 0,2
handel, horeca, reparatie 42,6 17,6 0,9 0,4 0,8 22,1 15,2 0,5
transport 51,8 9,1 0 0 1,3 20,8 11,6 5,5
zakelijke dienstverlening 39,1 12,5 2 0,8 1 29,4 13,4 1,9
zorg en welzijn 56,9 8 0 0 1,5 18,4 15,2 0
overige dienstverlening 44,9 10,9 0,9 0,3 3 27,8 9,7 2,6
overheid 58,4 6,5 0 0 1,2 19,3 11,2 3,5
onderwijs 37,5 8,2 3,3 4,8 2 24,8 19,2 0,2
kleine organisaties 45,7 12,5 1 0,4 1 22,4 16,3 0,8
middelgrote organisaties 49,1 12,7 0,9 1,8 1,1 24,3 8,7 1,4
grote organisaties 39,4 18,6 1,4 0,4 1,1 26 9,2 3,8

Noot:Kleine organisaties: < 20 werknemers, middelgrote organisaties: 20-100 werknemers, grote organisaties: > 100 werknemers.

Bron:SCP (AVP’19/’20)

Data:Download bronbestand (spreadsheet)

Nog altijd zijn subsidieregelingen niet bekend bij werkgevers

Vanuit de overheid zijn er verschillende manieren om de kosten en de financiële risico’s die kunnen ontstaan bij het aannemen van iemand met een arbeidsbeperking te verlagen. Zo kunnen werkgevers worden vrijgesteld van het doorbetalen van het loon als een medewerker met een arbeidsbeperking ziek uitvalt. Ook kunnen werkgevers voor een medewerker met een arbeidsbeperking loonkostensubsidies krijgen en korting of zelfs vrijstelling van het betalen van de premies voor sociale verzekeringen. Veel werkgevers geven aan dat zij niet bekend zijn met deze regelingen (figuur 3). Kleine organisaties en werkgevers in het onderwijs zijn relatief vaak slecht op de hoogte van de verschillende regelingen. Loonkostensubsidies en -dispensatie zijn regelingen die relatief het vaakst gebruikt worden. Vergeleken met de vorige editie van het Arbeidsvraagpanel (Van Echtelt 2019) zijn de verschillende regelingen niet bekender geworden bij werkgevers en het percentage dat er gebruik van maakt is ook ongeveer gelijk gebleven.

Figuur 3Bekendheid en gebruik van verschillende subsidieregelingen

totaal
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 7 51,5 41,5
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 4,9 53,2 41,9
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 5,5 69,8 24,7
Loonkostensubsidies of -dispensatie 14,1 60,6 25,3
Werken met behoud van uitkering 5,4 70,5 24,2
industrie en landbouw
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 11,3 53,3 35,4
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 5,9 58,8 35,3
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 5,3 73,4 21,2
Loonkostensubsidies of -dispensatie 18,7 60,1 21,2
Werken met behoud van uitkering 2,3 71,3 26,3
bouwnijverheid
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 9,6 52 38,5
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 8,9 49,8 41,3
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 10,2 67,8 22
Loonkostensubsidies of -dispensatie 12,3 63,4 24,3
Werken met behoud van uitkering 2,2 74,5 23,3
handel, horeca, reparatie
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 6,1 50,2 43,7
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 4,4 57,2 38,4
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 4,2 73 22,8
Loonkostensubsidies of -dispensatie 13,5 64,3 22,2
Werken met behoud van uitkering 8,3 68,1 23,6
transport
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 10,3 41,9 47,8
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 13 56,7 30,3
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 6,4 67,5 26,1
Loonkostensubsidies of -dispensatie 14,8 60,8 24,3
Werken met behoud van uitkering 1,3 67,9 30,8
zakelijke dienstverlening
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 6,7 52,7 40,7
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 3 53 44
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 1,5 68,6 29,9
Loonkostensubsidies of -dispensatie 10,9 58 31,1
Werken met behoud van uitkering 4 69,8 26,1
zorg en welzijn
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 5,7 53,6 40,6
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 3,4 54,5 42,1
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 4,6 72,7 22,7
Loonkostensubsidies of -dispensatie 14,5 62,7 22,8
Werken met behoud van uitkering 6,5 72,4 21,1
overige dienstverlening
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 4,8 55,9 39,3
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 3,8 51,5 44,7
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 11,1 60,8 28,2
Loonkostensubsidies of -dispensatie 18,1 56,9 24,9
Werken met behoud van uitkering 3,3 76,4 20,3
overheid
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 18 50,3 31,7
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 18 41,9 40,1
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 34,1 60 5,9
Loonkostensubsidies of -dispensatie 35,4 47,3 17,2
Werken met behoud van uitkering 9,8 72,3 17,9
onderwijs
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 3,1 49,3 47,6
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 4,7 26,2 69
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 12,2 58,6 29,2
Loonkostensubsidies of -dispensatie 12,5 49,6 37,8
Werken met behoud van uitkering 4,9 71,1 24
kleine organisaties
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 2,4 51,7 45,9
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 2,3 54,4 43,3
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 2,6 70,9 26,5
Loonkostensubsidies of -dispensatie 7,5 64 28,4
Werken met behoud van uitkering 4,8 70,5 24,7
middelgrote organisaties
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 15,7 51,2 33,2
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 9,7 50,5 39,8
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 9,8 67,6 22,5
Loonkostensubsidies of -dispensatie 26,7 54,1 19,2
Werken met behoud van uitkering 5,7 69,5 24,8
grote organisaties
gebruikt het wel bekend niet bekend
No-risk regeling bij ziekte en arbeidsongeschiktheid 28,8 50,1 21,1
Korting of vrijstelling premies sociale verzekeringen 18,3 49,4 32,4
Detachering vanuit sociale werkplaats/reïntegratiebedrijf 24,7 65,5 9,8
Loonkostensubsidies of -dispensatie 42,8 45,4 11,8
Werken met behoud van uitkering 12 75 13

Noot:Kleine organisaties: < 20 werknemers, middelgrote organisaties: 20-100 werknemers, grote organisaties: > 100 werknemers.

Bron:SCP (AVP’19/’20)

Data:Download bronbestand (spreadsheet)

Literatuur

Echtelt, P. van (2019). Nemen werkgevers mensen met arbeidsbeperkingen in dienst? In: Arbeidsmarkt in kaart: Werkgevers – editie 2. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Geraadpleegd 13 juni 2022 via https://digitaal.scp.nl/arbeidsmarkt-in-kaart-werkgevers-editie-2/nemen-werkgevers-mensen-met-arbeidsbeperkingen-in-dienst.

UWV (2022a). UWV Monitor arbeidsparticipatie arbeidsbeperkten 2021; aan het werk zijn, komen en blijven van mensen met een arbeidsbeperking. Geraadpleegd 13 juni 2022 via https://www.uwv.nl/overuwv/Images/monitor-arbeidsparticipatie-arbeidsbeperkten-2021.pdf.

UWV (2022b). 70.525 extra banen gecreëerd binnen de banenafspraak. Geraadpleegd 13 juni 2022 via https://www.werk.nl/arbeidsmarktinformatie/banenafspraak/70525-extra-banen-binnen-banenafspraak.

Deze kaart citeren

Swart, L. en S. van der Laan (2022). Nemen werkgevers mensen met een arbeidsbeperking in dienst?. In: Arbeidsmarkt in kaart: Werkgevers - editie 3. Geraadpleegd op [datum vandaag] via https://digitaal.scp.nl/arbeidsmarkt-in-kaart-werkgevers-editie-3/nemen-werkgevers-mensen-met-een-arbeidsbeperking-in-dienst.

Informatie noten